Kroonrij varieert (23)
De grenzen van de meeste Schengen landen gaan weer open per 15 juni 2020. We mogen weer met vakantie na een lange tijd van ‘stilstand’. Maken we een reis in andere Europese landen met coronarisico’s of blijven we dichter bij huis? Wordt het toch een ‘staycation’? Er is zoveel te zien in eigen land, onbekende parels in steden en regio’s, die verrassend kunnen meten met buitenlandse metropolen en regio’s. Samen ‘Wijs op reis’, nee niet met premier Mark Rutte maar met onze eigen familie. In deze 23e blog geef ik een aantal opties voor uw vakantie in eigen land (staycation, kamperen, ANWB, Tilburg, Waddeneilanden, Madurodam) binnen de 1,5 meter samenleving.
Staycation (verblijf in eigen land)
Het woord ‘staycation’ is een Amerikaans neologisme, een combinatie van de woorden ‘stay’ (verblijf) en ‘vacation’ (vakantie). De term wordt gebruikt voor een vakantie waarbij je thuisblijft in plaats van dat je op reis gaat. Er zijn een aantal gradaties van ‘staycation’ want er zijn redenen om niet met vakantie te gaan. Voorbeelden zijn o.a.: geen behoefte en/of onvoldoende financiën, door ziekte of omdat je verplichtingen hebt als mantelzorger. Maar je kan ook kiezen voor een vakantie in eigen land met beperkte middelen of als luxe vakantie.

Kamperen / ANWB
In 1854 schreef de Amerikaanse schrijver en filosoof Henry David Thoreau zijn beroemde boek ‘Walden or, Life in the Woods’ of kortweg ‘Walden’, over zijn experiment een eenvoudig leven in het bos te leven, afgezonderd van de beschaafde, drukke samenleving. Weg van de industrialisatie, weg uit de stad en terug naar de natuur. Thoreau publiceerde dit boek in 1854, na er negen jaar aan te hebben gewerkt.
Het is om precies dezelfde reden dat kamperen opkwam in de late 19e eeuw: mensen uit de stad wilden weg van de drukte en de natuur verkennen. Het lijkt een stap terug in de beschaving: je woont in een stevig, stenen huis en dan ga je voor de lol, in je vrije tijd, primitief doen. Op de grond slapen, onder een winderig tentzeil. Juist dat was de aantrekkingskracht, voor Thoreau destijds en voor de kampeerders. ‘Juist mensen met de beste huisvesting wilden in de vakantie graag kamperen’, legt Hans Buiter, verenigingshistoricus van de ANWB, uit. ‘Het leven in de stad werd toen al als zenuwachtig modern beschouwd, in teksten lees je dat mensen spraken over ‘vermoeiende communicatiemiddelen’ en ‘veel herrie van machines’. Blijkbaar was de behoefte in 1940 niet heel anders dan nu. Nog steeds is dat één van de grootste drijfveren voor het kamperen: buitenlucht. En nog steeds zijn stedelingen de grootste kampeerfans, zij vinden het sensationeel om de hele tijd buiten te zijn.’

Kamperen werd steeds populairder, ook voor de minder welgestelde burgers. De vrije zaterdagmiddag werd gemeengoed en het aantal vrije dagen nam langzaam maar zeker toe. Bovendien werd het makkelijker ook in Nederland tentdoek te verkrijgen om zelf een tent te naaien. Maar wie dacht zomaar onvoorbereid een tentje op te kunnen zetten vergiste zich. In een tent slapen mocht dan wel avontuurlijk zijn, maar het was ook een serieuze zaak die een gedegen kennis van zaken vereiste. Er verschenen dikke boeken over de techniek van de ‘kampeersport’ en over de bijbehorende etiquette. In 1936 kwam er een systeem van kampeerkaarten, een verplichte registratie voor ieder die wilde kamperen. In 1939 kwam de uitgifte van kampeerkaarten onder de hoede van de ANWB, die zich tot dan toe nauwelijks had bemoeid met het fenomeen kamperen.


De wederopbouw was maar net aan de gang, er was gebrek aan bijna alles, maar bij dumpzaken stonden wel allemaal goedkope legertentjes. Oorlogsoverschot. Wat was er nu mooier dan de vrijheid vieren onder een linnen dakje in de natuur? Nu ja, vrijheid, er waren natuurlijk wel regels waar ieder goed kampeerder zich aan diende te houden: geen lawaai, altijd decente kleding, geen ongehuwde stellen samen in één tent, rommel netjes opruimen. Zonder kampkaart kwam je nergens, maar er kwam nog iets bij: het kampeerpaspoort. Wie met goed gevolg een kampeerexamen wist af te leggen mocht met het kampeerpaspoort op plekken staan waar de ‘gewone’ kampkaarthouder niet was toegelaten. Zo’n paspoort kon je verdienen door drie weekends achter elkaar onder leiding van ANWB-mentoren te kamperen, of door een ANWB oefenkamp succesvol af te ronden.
[one_half]
[/een_half][een_half_laatste]
[/one_half_last]
In de loop van de jaren vijftig werd kamperen razend populair. Tenten werden steeds comfortabeler en relatief goedkoper, zeker toen begin jaren vijftig de grote warenhuizen begonnen met een eigen kampeerafdeling. Gespecialiseerde kampeerzaken zoals Carl Denig keken misprijzend naar winkels als V&D met hun goedkope tentjes. Of nog erger, bungalowtenten. Een echte kampeerder verlaagde zich niet tot een dergelijke onnodige luxe, dat sprak vanzelf. Caravans waren er nog nauwelijks, maar dat was natuurlijk helemaal vloeken in de kerk.


[/een_half][een_half_laatste]
[/one_half_last]
Zo was het kamperen in de jaren vijftig al de meest populaire vorm van vakantie, en dat is het nog steeds. De uitrusting veranderde in die jaren wel: tenten werden lichter, en allerlei Nederlandse producenten gingen nieuwe typen tenten maken. Campers en caravans kwamen erbij. En uitvindingen zoals het butagas en luchtbedden maakten het kamperen comfortabeler. De reden dat het kamperen zo populair werd en is gebleven in ons land is tweeledig: het was de goedkoopste manier van vakantie vieren en dat sloot goed aan bij Nederlandse zuinigheid, hiernaast bleef het verlangen naar de natuur een grote rol spelen.


[/een_half][een_half_laatste]
[/one_half_last]
Glamping is een steeds meer een bekend woord geworden als het gaat om kampeervakanties. Verschillende bedrijven en websites proberen dan ook op deze trend in te spelen. Voorbeelden van accommodaties die vallen onder het glamping genre zijn: yurt’s, tipi’s, safaritenten, lodgetenten, boomhutten en drijvende hutten (cabins on water). Doordat de accommodaties beter en luxer zijn uitgerust, is een glamping vakantie vaak gemiddeld duurder dan de traditionele kampeervakantie.
Gebruikte bronnen: ANWB, Andere Tijden, Belastingzegels.
Tilburg
Elke stad en elke regio in Nederland concurreert met elkaar om de Nederlandse toerist binnen haar gemeente of regiogrenzen binnen te halen. Want als de toerist langskomt voor bijvoorbeeld een bezoek aan een attractie, een museum of een (bos/stads)wandeling, dan zal die toerist ook eten en drinken (lunch, snelle hap, diner). Dat is goed voor de lokale economie in deze moeilijke 1,5 meter samenleving. Tilburg als vakantiestad? Jazeker. Het begint met de lancering van de Tilburgse persoonlijke postzegel. Ondertussen worden overal in de stad plannen gemaakt om het de thuisblijvers en vakantiegangers uit eigen land zo aangenaam verblijf mogelijk te maken.
De nieuwe ansichtkaarten met ‘Groeten uit Tilburg-Bad’ kunnen met de persoonlijke zegel worden gefrankeerd en verstuurd worden naar het thuisfront. De Tilburger Nicole van Beers heeft de postzegel ontworpen. Ze nam zelf het initiatief, uit liefde voor de stad, om ‘Tilburg als vakantiestad’ op de kaart te zetten. Inmiddels werkt ze samen met Citymarketing Tilburg.

Met een gemiddeld aantal van 230 attracties is de Tilburgse Kermis de grootste kermis van Nederland. De Tilburgse binnenstad verandert van 17 tot en met 26 juli 2020 in één groot kermisterrein. Helaas gaat de editie van 2020 niet door omdat het kabinet heeft besloten om alle evenementen tot 1 september 2020 te verbieden.
Meer info:
https://www.tickettotilburg.com/nl https://www.vvvtilburg.nl/ https://nl.wikipedia.org/wiki/TilburgWaddeneilanden
Vijf eilanden, dat betekent vijf keer genieten! De combinatie van de open horizon, de grenzeloze lucht die zich boven de Waddenzee uitstrekt en de natuurlijke overgang tussen wadplaten en de zee maakt een bezoek aan de Wadden tot een bijzondere ervaring. Op de Wadden ben je mijlenver verwijderd van overvolle agenda’s, drukte en afspraken. Laat alles achter je en beleef het eilandgevoel. Geniet van de schoonheid en het eeuwenoude ritme van eb en vloed. Wat rest is iets wat elke vakantie hoort te kenmerken, maar op de Waddeneilanden vanzelf gaat: totale ontspanning en het gevoel alsof je in het buitenland bent…
meer informatie
https://www.wadden.nl/Madurodam
Heeft u geen tijd om een ‘rondje’ Nederland te bezoeken, dan is deze attractie een goed alternatief. Madurodam is een miniatuurstad in Den Haag op een schaal van 1 op 25. Dit attractiepark trekt jaarlijks circa 600.000 bezoekers. Het park beslaat een totaaloppervlak van 62.630 m². De gebouwde stad zelf meet 17.630 m². Het is genoemd naar George Maduro, een Curaçaose student die zich tijdens de meidagen van 1940 als cavalerieofficier onderscheidde in de slag om de residentie, en in februari 1945 in concentratiekamp Dachau overleed; zijn ouders schonken het beginkapitaal voor het project, dat door de familie Maduro wordt beschouwd als monument voor hun enige zoon.
Op 18 mei 2020 ging op meerdere fronten de boeken in als een historische dag op Madurodam. Op deze dag waarop de Haagse attractie haar deuren weer opende voor het publiek, kreeg ook het levensgrote vliegtuig van de nieuwe attractie The Flying Dutchman haar naam. Precies 100 jaar na de eerste vlucht van KLM werd de DC-3 ‘Albert Plesman’ gedoopt, als eerbetoon naar de markante eerste President-Directeur van de 100-jarige luchtvaartmaatschappij.

Fila Corona raakt maar niet uitgeput met steeds een andere invalshoek. Goed verhaal!