Geschiedenis van het postzegelverzamelen, deel 35 – Engeland in 1866

geschiedenis geschiedenis filatelie
Eind jaren zeventig verscheen een fascinerende reeks artikelen van de heer K. Kouwenberg over de geschiedenis van het postzegelverzamelen in het Nederlandse tijdschrift Philatelie. Deze reeks inspireerde Rob Smit, eigenaar van PostBeeld, om de geschiedenis van het postzegelverzamelen in delen te herschrijven. Dit is deel 35, Engeland in 1866. Een van de belangrijkste filatelistische gebeurtenissen in Engeland in 1866 was de verschijning van een nieuw tijdschrift, "The Philatelist", op 1 december 1866. Tussen 1862 en 1866 waren er maar liefst 24 filatelistische tijdschriften in Engeland verschenen. Toch bevatte dit nieuwe tijdschrift een bijzonder artikel waarin stond dat de broers Henry en Alfred Smith uit Bath na jarenlange samenwerking aan het "Stamp Collector's Magazine" hadden besloten hun samenwerking te beëindigen. Het artikel vermeldde niet waarom. De winkel die hij samen met zijn broer in Bath had, bevond zich op nummer 13 George Street (klik hier: bath_shop voor een actuele foto). Aan de rechterkant van het gebouw bevindt zich een plaquette (zie de vergroting hieronder). Henry Stafford Smith besloot Bath te verlaten en zich in Brighton te vestigen. Daar begon hij met de publicatie van "The Philatelist". Hij had uiteraard al aanzienlijke ervaring opgedaan en kende bovendien niemand minder dan Dr. Viner (zie Geschiedenis van het postzegelverzamelen, deel 14), die als redacteur werd aangesteld.
Charles William Viner
Bovendien was Adelaide Lucy Fenton, een fervent filateliste, een belangrijke medewerker. Naast andere taken schreef ze artikelen onder de pseudoniemen "Fentonia" en "Camoëns". Adelaide Fenton was de eerste belangrijke vrouwelijke verzamelaar en auteur op het gebied van filatelisme. Ze bestudeerde postzegels intensief en bezat een uitgebreide bibliotheek met filatelie-gerelateerd materiaal. Haar bibliotheek werd in 1900 geveild door Ventom, Bull en Cooper, waarbij een zekere heer Hadlow, namens de London Philatelic Society, het winnende bod van 32 pond uitbracht. Onder de geveilde items bevond zich een complete set van 'The Stamp Collector's Magazine' met aantekeningen van Miss Fenton, brieven van Mount Brown (zie deel 10 voor meer informatie), Edward Pemberton (zie deel 13) en anderen. Dit was destijds een aanzienlijk bedrag, maar Miss Fenton en Pemberton waren al legendarische figuren in de filateliewereld. Het tijdschrift "Philatelist" gaf ook gratis postzegels en imitaties weg, die eveneens bij de veiling werden inbegrepen. Het tijdschrift bestond tot 1876, waarna het werd omgevormd tot de "Philatelic Quarterly". De zaak van Henry Stafford Smith bloeide in Brighton, maar werd uiteindelijk overgenomen door Stanley Gibbons. Henry overleed op 23 februari 1903. Een andere belangrijke trend in 1866 was de afname van de rage voor het verzamelen van proefdrukken. Er was zo'n stortvloed aan proefdrukken op de markt gekomen dat veel verzamelaars het opgaven omdat ze het bos niet meer van de bomen konden onderscheiden. Slechts een klein aantal hield vol, waardoor het aantal uitgegeven proefdrukken in de daaropvolgende jaren sterk daalde. Ook Nederlandse handelaren verschenen in de advertenties van The Philatelst. Onder anderen Roodhuyzen uit Amsterdam, Dressel uit Amsterdam, de Reus uit Haarlem en George Satori in Rotterdam. Blijkbaar waren er toen al plaatsen met een bloeiende postzegelhandel! Opmerkelijk is dat ze naast postzegels ook sigaren en vanillestokjes aanboden!
Maak een blog