Postzegeltaal, Babylonische spraakverwarring?
Begin vorige eeuw bestond in een groot aantal landen nog een soms groot verschil tussen tarief van een prentkaart en een briefkaart. Op een prentkaart mocht alleen maar een korte groet worden geschreven om deze als drukwerk te mogen verzenden. Dit was aanleiding voor vele, vooral verliefde jonge mensen, om de postzegel te gebruiken om méér te vertellen dan in woorden mocht worden opgeschreven. Door de postzegel op een bepaalde manier op te plakken. Dan werden de portokosten voor een briefkaart vermeden. Zo ontstond de postzegeltaal.
Maar is die taal door iedereen te begrijpen? De bedoeling was van wel: internationaal toepasbaar. Daar kwam niet veel van terecht! Zelfs niet in eigen land. De postzegeltaal stond nergens ‘op papier’.
Klik op de afbeelding voor een vergroting
Drukkers van prentkaarten sprongen in dit gat in de markt en gaven kaarten uit met daarop de afbeeldingen van de postzegel in verschillende standen met de daarbij behorende ‘vertaling’. De ene drukker gaf als verklaring voor een kopstaand opgeplakte zegel de verklaring: Mijn hart is niet meer vrij. Maar wat zei de andere drukker? 1000 kussen. Wel een groot verschil.
De dwars geplakte zegel met het woord Nederland links betekende: Wees gelukkig. Maar de andere drukker zei: Bemint gij mij? Terwijl een derde drukker bedoelde: Ik denk aan U. Terwijl op een Duitse kaart met het woord Duitsland links werd verklaard: Schreib mir bald!


En wat te denken van het verschijnsel ZoP (Zie onder Postzegel)!
http://people.zeelandnet.nl/acoomens/zop.htm